Column van de burgemeester: U kijkt zo lief!

Beste medeburgers van Balkenende aan Zee,
Ik richt mij vandaag tot u voor een moment van bezinning. Bezinning, omdat ons mooie dorp wellicht aan de vooravond van grote veranderingen staat.  Veranderingen, waarvan ik mij met u  afvraag, of die wel zo gunstig zijn voor onze gemeenschap. Vandaag kunt u namelijk een nieuwe burgemeester kiezen. Er is een kleine, doch gerede kans, dat de burgers van Balkenende-aan-zee ditmaal niet op mij zullen stemmen. De kiezer heeft in principe natuurlijk altijd gelijk, maar kan onder druk van de economische crisis in de war worden gebracht.

Wie wil er in mijn schoenen staan als burgemeester?
Mark Rutte, de voorzitter van hockeyclub ‘de rechtse bal,’  kijkt al met zijn guitige oogjes naar het ambtsketen dat om mijn nek hangt. Ik zeg tegen Mark: bezin toch! Het is niet zomaar ‘bling bling,’ die je om de nek kunt hangen om indruk te maken op de meisjes!  Neen zeg ik dan, het is een symbool van grote bestuurlijke waardigheid!

Het is niet leuk om grapjes te maken over Mark’s jeugdigheid. Wel vertellen veel medebalkenendenaren mij dat zij zich zorgen maken. ‘Maar burgemeester,’ vragen zij dan. ‘Mark organiseerde laatst een gezellige borrel in de kantine van de hockeyclub. Maar is dat genoeg bestuurlijke ervaring om ons dorp te besturen?’ Ik moet eerlijk zeggen dat ik het antwoord hierop niet weet, maar wel deze zorgen deel.

Maar ook Job Cohen, die als dirigent de afgelopen weken de fanfare  ‘Linksom’  van de ene sloot de andere in dirigeerde, ambieert het ambt van burgemeester. ‘Maar kan iemand die zijn aanwijsstokje steeds uit zijn handen laat schieten wel een grote gemeente als de onze leiden,’ vragen mensen mij bevreesd. ‘Hij mag dan een ervaren dirigent zijn, maar je moet er niet aan denken dat hij zo onbetamelijk loopt te stamelen als hij de Vergadering  van Europese Gemeenten moet toespreken.’ 

Het is natuurlijk oneerlijk om de zo de draak te steken met een spraakgebrek waar Job ook niets aan kan doen. Maar ik zeg toch: ‘uw vrees is de mijne. Ik deel uw angst.’

Balkenendenaren, ik deel uw vrees.  U bent nu eenmaal gewend aan mij als uw burgemeester. Ik heb het ook liever zo.

Sommige van onze medeburgers laten zich misleiden door de hippe danspasjes van Mark of de donkere wenkbrauwen van Job.  Maar ik zeg tegen hen, pas op! Dat zijn slechts  uiterlijkheden! Medebalkenendenaren, ik vraag u, doe het niet! Ik weet dat u het soms zwaar te verduren heeft gehad. Ook ik kon niet lachen om de perikelen van hopman Jack en zijn Melissa.  Maar wilt u echt wonen in Rutte-aan-Zee of Cohendorp? Ik kan het mij niet indenken.  Ik smeek het u bijna, doe het niet. U kijkt zo lief!

Met respectvolle groet

Jan Peter
 

Share this